Start met een schade- en waterroute
Controleer losse takken, scheve delen, gladde paden, verstopte goten en plekken waar winterwater bleef staan. Fotografeer verandering voordat je herstelt. Een terugkerende plas gaat naar de diagnose water blijft staan in plaats van direct naar extra grond of een drain.
Wacht tot bodem en groei klaar zijn
Test of grond kruimelt in plaats van smeert en kijk of planten actief uitlopen. Loop niet onnodig door natte borders. Verwijder onkruid met wortel wanneer het herkenbaar en de bodem werkbaar is; voorkom dat omliggende jonge scheuten meegaan.
Ruim gefaseerd op
Verwijder wintermateriaal niet overal tegelijk. Begin op warme, beschutte plekken en laat in koelere hoeken tijdelijk dekking en stengels staan zolang dieren en jonge groei die nog gebruiken.
- 01Maak routes veilig
Verwijder glad materiaal en obstakels van paden en trappen.
- 02Open kwetsbare planten voorzichtig
Knip alleen waar nieuwe groei zichtbaar en bereikbaar blijft.
- 03Laat een deel van structuur staan
Spreid opruimen zodat schuilplekken niet allemaal tegelijk verdwijnen.
- 04Verwerk materiaal per stroom
Gebruik gezond fijn materiaal waar passend en houd ziek of grof materiaal apart.
Bereid de actieve groeifase voor
Controleer wateraansluiting, druppelslang, mulch, plantensteunen en scherpte van gereedschap. Geef voeding alleen wanneer bodem, soort en groeidoel daar aanleiding voor geven. Noteer jonge aanplant en potten als aparte waterprioriteit.